Wie over emigreren nadenkt, komt vroeg of laat bij de vraag hoe er in het nieuwe land geld verdiend moet worden. Je kunt misschien je Nederlandse baan op afstand voortzetten, maar lang niet iedere werkgever staat daarvoor open. Meteen in loondienst gaan bij een plaatselijk bedrijf is eveneens niet altijd eenvoudig. Zeker tijdens de eerste jaren kan een beperkte kennis van de taal behoorlijk in de weg zitten.
Het is daarom begrijpelijk dat veel emigranten overwegen om iets voor zichzelf te beginnen. Ondernemen past bovendien goed bij het avontuur van een emigratie. Je kiest voor een ander land, een ander leven en misschien ook voor een heel andere manier van werken.
Toch blijven veel plannen opvallend vaak steken bij hetzelfde idee: een bed and breakfast beginnen. Er wordt een huis gezocht met een paar extra kamers, waarna de toekomstige inkomsten al snel worden berekend aan de hand van een optimistische bezettingsgraad en een aantrekkelijke kamerprijs.
Een B&B kan een bijzonder zwaar beroep zijn
Een B&B kan natuurlijk een prima onderneming zijn wanneer je werkelijk van hospitality houdt. Je moet het leuk vinden om dagelijks gasten te ontvangen, ontbijt te verzorgen, vragen te beantwoorden en kamers en badkamers schoon te maken. Daarnaast moet je voortdurend beschikbaar zijn en omgaan met reserveringsplatforms, beoordelingen, annuleringen en mensen die soms heel andere verwachtingen hebben dan jij.
In de praktijk koop je met een B&B vaak geen vrijheid, maar een werkplek die onlosmakelijk met je eigen woning is verbonden. Juist die vrijheid was voor veel mensen een belangrijke reden om te emigreren. Even een paar dagen weggaan wordt lastig wanneer er gasten aankomen of verblijven. Tijdens het toeristische seizoen kun je bovendien moeilijk besluiten om zelf op vakantie te gaan.
Daar komt bij dat lang niet iedere emigrant ervaring heeft in de horeca of het toerisme. Een mooie boerderij, villa of oude dorpswoning maakt je nog geen goede hotelier. Het is daarom verstandig om verder te kijken. In heel Europa zijn voorbeelden te vinden van emigranten die hun kennis, achtergrond of verwondering over het nieuwe land gebruikten om een origineel bedrijf op te bouwen.
Dat hoeven geen snelgroeiende technologiebedrijven te zijn die miljoenen ophalen bij investeerders. De Europese Commissie wees er eind 2025 juist op dat kleine, geleidelijk groeiende bedrijven veel belangrijker voor de Europese economie zijn dan de aandacht voor spectaculaire start-ups soms doet vermoeden. Meer dan 60 procent van de Europese werkgelegenheid komt volgens de Commissie voor rekening van kleine en middelgrote bedrijven (Europese Commissie, december 2025).
Ik ging deze week op zoek op internet naar mensen die vrij recent van land wisselden om iets nieuws op te zetten, of hun bestaande werk ergens anders voortzetten. Daar zitten hele inspirerende ondernemingen tussen, met name in Portugal.
Zeewier uit Noorwegen met kennis uit Nieuw-Zeeland en Japan
Een van de mooiste voorbeelden is Lofoten Seaweed in het noorden van Noorwegen. Medeoprichter Tamara Singer groeide op in Nieuw-Zeeland. Haar Japanse moeder gebruikte zeewier in vrijwel iedere maaltijd. Nadat Tamara in Noorwegen was gaan wonen, ontdekte ze dat in de heldere en voedselrijke wateren rond de Lofoten tientallen soorten eetbaar zeewier groeien.
Samen met de Noorse Angelita Eriksen begon ze zeewier te oogsten. Angelita was opgegroeid in een vissersfamilie in het dorp Napp en kende de zee en de plaatselijke gemeenschap. Tamara bracht haar internationale achtergrond, haar kennis van de Japanse keuken en haar andere kijk op het product mee.
Die combinatie werd de basis voor Lofoten Seaweed. Het bedrijf maakt onder meer gedroogd zeewier, kruidenmengsels en smaakmakers voor thuiskoks en professionele chefs. De producten worden volgens het bedrijf inmiddels ook gebruikt door restaurants met Michelinsterren. Het zeewier wordt met de hand en op beperkte schaal geoogst in de stroming van Nappstraumen, waarbij rekening wordt gehouden met het herstel van de planten en het ecosysteem (Lofoten Seaweed).
Het bijzondere is dat het product altijd al voor de deur lag. Plaatselijke vissers zagen zeewier aanvankelijk nauwelijks als een waardevol voedingsmiddel. Tamara herkende de mogelijkheden juist dankzij haar jeugd en haar Japanse achtergrond. Samen met iemand die de streek, de taal en de zee goed kende, kon ze daar een bedrijf van maken.
Het laat zien dat je als emigrant soms kansen opmerkt die de plaatselijke bevolking niet meer ziet. Wat voor een inwoner heel gewoon is, kan voor mensen in andere landen juist bijzonder en waardevol zijn.
Portugese olijfolie verkopen aan klanten in het oude vaderland
Ook Nader Akhnoukh keek met de ogen van een nieuwkomer naar zijn nieuwe woonland. Hij werkte jarenlang als softwareontwikkelaar en technologieondernemer in de Verenigde Staten. In 2020 verhuisde hij met zijn gezin van Colorado naar Portugal. Hij wilde een rustiger leven en had behoefte aan werk dat tastbaarder was dan software.
Tijdens reizen door Portugal raakte hij geïnteresseerd in de Portugese olijfolie. Aanvankelijk overwoog hij zelf een olijfgaard te kopen. Hij kwam echter al snel tot de conclusie dat plaatselijke producenten beschikten over kennis die gedurende generaties was opgebouwd. Zelf olijven gaan verbouwen zou betekenen dat hij opnieuw moest leren wat anderen al veel beter konden.
Samen met zijn voormalige collega Riley Gibson koos hij daarom voor een ander model. In januari 2024 begonnen zij Wildly Virgin. Het bedrijf selecteert olijfolie van kleine Portugese producenten en verkoopt deze aan klanten in de Verenigde Staten. Nader volgde een opleiding tot olijfoliesommelier en verbeterde zijn Portugees om rechtstreeks met producenten te kunnen samenwerken.
Hier wordt het nieuwe land dus niet alleen de vestigingsplaats van het bedrijf. Portugal levert het product en de producenten, terwijl de ondernemers hun kennis van de Amerikaanse markt, e-commerce en marketing gebruiken om dat product over de grens te verkopen.
Het verhaal bevat ook een nuttige waarschuwing. In april 2025 vertelde Nader dat hij zichzelf nog geen salaris uit de onderneming betaalde. Hij had geld uit eerdere bedrijven waarmee hij de opstartperiode kon financieren. Een aantrekkelijk idee levert dus zelden vanaf de eerste maand een volledig inkomen op. Ook een origineel bedrijf vraagt om een financiële buffer, geduld en tijd om relaties op te bouwen.
Een Nederlandse projectmanager wordt avocadoboerin in Spanje
Een Nederlands voorbeeld vinden we bij Lizet Beks. Zij verhuisde naar Spanje terwijl zij aanvankelijk nog voor haar Nederlandse werkgever werkte. Later begon zij haar eigen onderneming op het gebied van marketing, communicatie en projectmanagement.
Samen met haar partner Ronald Verstappen ontwikkelde zij daarnaast Avocadoptie. Op hun finca bij Oliva, in de regio Valencia, verbouwen zij avocado’s. Toch verkopen ze niet alleen dozen fruit. Klanten kunnen via de website een avocadoboom adopteren, de boom een naam geven en gedurende het jaar volgen hoe deze zich ontwikkelt. Tijdens het oogstseizoen ontvangen zij avocado’s van de finca rechtstreeks thuis.
Daarmee is van een landbouwproduct een ervaring en een cadeaumodel gemaakt. De onderneming combineert kleinschalige landbouw met e-commerce, directe verkoop, abonnementachtige inkomsten en betrokkenheid van klanten. De avocado’s gaan rechtstreeks van de teler naar de consument, zonder groothandel of kunstmatig rijpingsproces.
Lizet heeft haar oorspronkelijke vak ondertussen niet overboord gegooid. Zij werkt nog steeds als creatieve projectmanager. Daardoor rust het gezinsinkomen niet volledig op één oogst of één onderneming. Dat is een verstandige aanpak, want een agrarisch bedrijf blijft afhankelijk van het weer, ziekten, water, oogstmomenten en logistiek.
Het voorbeeld laat ook zien dat je een traditioneel product kunt moderniseren zonder dat je een ingewikkelde technologische uitvinding nodig hebt. Het vernieuwende zit in de manier waarop het product wordt aangeboden en in het verhaal dat eromheen wordt gebouwd.
Je bestaande vak meenemen naar Portugal
Cordelia en Mike Blake kozen voor een heel andere route. Zij verhuisden met hun gezin van Atlanta naar Caldas da Rainha aan de Portugese Zilverkust. In plaats van na aankomst een plaatselijk bedrijf te zoeken of een toeristische accommodatie te openen, namen zij hun bestaande kennis en klanten mee.
Hun onderneming High Score Strategies adviseert bedrijven over bedrijfswaardering, groei en strategie. Cordelia heeft een achtergrond in verkoop en marketing. Mike is gespecialiseerd in economie, financiën en bedrijfswaarderingen. Vanuit een kantoor in Caldas da Rainha werken zij voornamelijk voor Amerikaanse klanten, terwijl zij geleidelijk ook een internationale klantenkring proberen op te bouwen. Het bedrijf heeft inmiddels vestigingen in de Verenigde Staten en Portugal.
Dit model is voor veel toekomstige emigranten realistischer dan zij misschien denken. Je hoeft na een emigratie niet volledig opnieuw te beginnen. Een boekhouder kan zich specialiseren in ondernemers die tussen twee landen werken. Een grafisch vormgever kan Nederlandse opdrachtgevers blijven bedienen. Een technisch adviseur, tekstschrijver, coach, programmeur of projectmanager kan zijn bestaande netwerk meenemen en tegelijkertijd klanten in andere landen zoeken.
Het grote voordeel is dat je voor je inkomsten niet meteen afhankelijk bent van de plaatselijke economie. Je hoeft de taal nog niet foutloos te spreken om je eerste facturen te kunnen versturen. Natuurlijk moet je wel onderzoeken waar de onderneming fiscaal gevestigd is en welke regels voor sociale zekerheid, btw en belasting gelden.
Van je eigen emigratieproblemen een dienst maken
Soms ontstaat een bedrijf uit een probleem dat je zelf tijdens de emigratie hebt ondervonden. Dat gebeurde bij de Amerikaanse Sandra Bobb, die na een bezoek in 2019 besloot in Portugal te gaan wonen.
Tijdens haar zoektocht kreeg zij hulp van Ariana Pinto. Ariana sprak de taal, kende het land en kon woningen en andere mogelijkheden ter plaatse beoordelen. Sandra merkte hoeveel verschil zo’n plaatselijke contactpersoon maakte. Samen besloten zij die hulp als dienst aan andere emigranten aan te bieden.
Onder de naam Alarsa begonnen zij scoutingreizen en verhuisbegeleiding te organiseren. Potentiële emigranten maakten tijdens zo’n reis kennis met verschillende woonplaatsen, woningen, winkels, banken en praktische aspecten van het dagelijks leven. Het bedrijf combineerde daarbij Sandra’s ervaring als nieuwkomer met Ariana’s kennis als Portugese.
Over de omzet en de verdere ontwikkeling van het bedrijf is geen onafhankelijke informatie beschikbaar. De beschrijving van Alarsa verscheen als een bedrijfspresentatie in The Portugal News. Het achterliggende idee blijft echter interessant: een probleem waarmee je zelf tijdens je emigratie worstelt, kan ook door duizenden andere mensen worden ervaren.
Dat kan gaan om hulp bij verhuizingen, het vinden van betrouwbare vakmensen, het begeleiden van kinderen op een buitenlandse school, het onderhouden van woningen, het invoeren van auto’s of het toegankelijk maken van plaatselijke producten. Je moet daarbij uiteraard goed controleren welke activiteiten vergunningen of specifieke beroepskwalificaties vereisen.
Amerikaanse bierkennis vindt een markt in Lissabon
Een iets ouder voorbeeld laat zien hoe een klein idee kan uitgroeien tot een gevestigd bedrijf. De Portugese Susana Cascais en haar Amerikaanse partner Scott Steffens woonden jarenlang in Seattle. Daar maakten zij kennis met de uitgebreide Amerikaanse cultuur rond speciaalbier. Scott brouwde thuis zijn eigen bier.
Toen het stel naar Lissabon verhuisde, namen zij de brouwspullen mee. In Portugal werd de biermarkt op dat moment nog vrijwel volledig beheerst door enkele grote pilsmerken. Ambachtelijk bier was veel minder bekend dan in de Verenigde Staten.
Susana en Scott zagen daarin een kans. Zij begonnen Dois Corvos, aanvankelijk met een grotendeels handmatige installatie van 800 liter. In 2015 werden de eerste bieren verkocht. Volgens Susana moest het bedrijf werkelijk klant voor klant worden opgebouwd, omdat de markt voor speciaalbier in Portugal nog nauwelijks bestond.
Dois Corvos heeft tegenwoordig een brouwerij en twee taprooms in Lissabon en brengt regelmatig nieuwe bieren uit. Het begon echter met een hobby, meegebrachte kennis en het besef dat in Portugal iets ontbrak wat in Seattle al heel gewoon was.
Ook hier was de combinatie belangrijk. Scott kende het product en de Amerikaanse biercultuur. Susana kende Portugal, sprak de taal en had ervaring met marketing. Zij kopieerden het Amerikaanse voorbeeld niet klakkeloos, maar pasten het aan de Portugese markt en smaak aan.
Je positie tussen twee landen kan juist een voordeel zijn
Deze voorbeelden hebben iets belangrijks gemeen. De ondernemers proberen hun oude en hun nieuwe leven niet volledig van elkaar te scheiden. Zij bouwen juist een brug tussen twee landen.
Onderzoek onder 47.200 ondernemers in 71 landen laat zien dat ondernemers met een migratieachtergrond vaak sterkere zakelijke netwerken tussen hun herkomstland en vestigingsland ontwikkelen. Vooral bij export kan dat een voordeel opleveren. Zij kennen twee markten, twee culturen en vaak ook twee verschillende manieren van werken (Bron: Ashourizadeh en Saeedikiya, 2022).
Dat zie je duidelijk terug in de voorbeelden. Portugese olijfolie wordt aan Amerikanen verkocht. Noors zeewier krijgt een Japanse culinaire toepassing. Amerikaanse speciaalbierkennis wordt in Portugal gebruikt. Een Nederlandse projectmanager combineert haar marketingervaring met Spaanse landbouw. Amerikaanse adviseurs werken vanuit Portugal voor hun bestaande klanten.
Je beperkte kennis van het nieuwe land is in het begin natuurlijk een nadeel. Tegelijkertijd bezit je kennis die veel plaatselijke ondernemers niet hebben. Je weet hoe Nederlandse of Belgische consumenten denken, welke kwaliteit zij verwachten en hoe je hen kunt bereiken. Je kent waarschijnlijk bedrijven, leveranciers en mogelijke klanten in je oude land. Dat netwerk hoef je na de emigratie niet weg te gooien.
Begin bij je kennis en niet bij het huis
Wie over een onderneming in het buitenland nadenkt, zou daarom niet als eerste naar een geschikt pand moeten zoeken. Begin bij wat je al kunt, welke problemen je kunt oplossen en welke klanten daarvoor willen betalen.
Misschien woon je straks in een streek met bijzondere wijn, kaas, keramiek, wol, kruiden of ambachtelijke producten. Je hoeft die producten niet zelf te maken. Je kunt plaatselijke makers helpen met fotografie, verpakkingen, een webshop, buitenlandse verkoop of gezamenlijke verzending.
Misschien heb je ervaring in onderwijs en kun je online taallessen, lesmateriaal of begeleiding voor internationaal verhuisde kinderen aanbieden. Misschien kun je elektrische fietsen onderhouden, digitale administratie verzorgen, wandelroutes ontwikkelen of kleine producenten helpen om rechtstreeks aan consumenten te verkopen.
Een modern bedrijf hoeft niet volledig digitaal te zijn. Juist de combinatie van een plaatselijk product of een concrete dienst met een digitale verkoopmethode biedt veel mogelijkheden. Een abonnement, adoptieconcept, online cursus, ledenplatform of gespecialiseerde webshop kan ervoor zorgen dat je niet uitsluitend afhankelijk bent van klanten die toevallig langs je voordeur lopen.
Ondernemen begint al voor de emigratie
Het verstandigste moment om over je bedrijf na te denken is ruim voordat je verhuist. Je kunt vanuit Nederland al onderzoeken of er belangstelling voor je idee bestaat. Je kunt een eenvoudige website maken, gesprekken voeren met potentiële klanten en proberen je eerste opdracht of bestelling te krijgen.
Ook kun je enkele weken meelopen bij een vergelijkbaar bedrijf. Het Europese programma Erasmus for Young Entrepreneurs biedt beginnende ondernemers de mogelijkheid om ervaring op te doen bij een kleine ondernemer in een ander deelnemend land. Het programma is bedoeld voor mensen die een bedrijf willen beginnen of dat in de afgelopen drie jaar hebben gedaan (Erasmus for Young Entrepreneurs).
Controleer daarnaast altijd welke regels in het vestigingsland gelden. Ook binnen de Europese Unie kunnen vergunningen, diploma-eisen, belastingregistraties en beroepsregels verschillen. Voor sommige beroepen moet je een Nederlandse kwalificatie officieel laten erkennen.
In de boeken uit mijn reeks Succesvol emigreren naar… besteed ik daarom niet alleen aandacht aan wonen en huizen zoeken, maar ook aan belastingen, verzekeringen, registratie en ondernemen in het betreffende land. Een goed idee is belangrijk, maar zonder kennis van de plaatselijke regels kan zelfs het leukste bedrijf in de problemen komen.
Het beste bedrijf geeft je ook het leven waarvoor je emigreerde
Een onderneming over de grens hoeft geen miljoenenbedrijf te worden. Het doel kan ook zijn om voldoende te verdienen voor een prettig leven, met werk dat bij je past en genoeg vrijheid om werkelijk van je nieuwe land te genieten.
Dat is misschien wel de belangrijkste vraag die je vooraf moet beantwoorden. Wil je een onderneming die je voortdurend aan een gebouw, winkel of accommodatie bindt? Of zoek je werk dat je gedeeltelijk online, seizoensgebonden of samen met anderen kunt uitvoeren?
Een B&B kan bij je passen wanneer het ontvangen en verzorgen van gasten werkelijk je passie is. Kies er alleen niet automatisch voor omdat er toevallig vier slaapkamers in het huis zitten dat je wilt kopen.
De mooiste ondernemingen ontstaan vaak wanneer iemand verder kijkt dan die lege kamers. Soms ligt de kans in de zee, zoals op de Lofoten. Soms groeit zij aan een boom in Spanje of wordt zij geperst uit Portugese olijven. En soms neem je het belangrijkste onderdeel van je toekomstige bedrijf gewoon mee in de verhuiswagen: je kennis, je ervaring en je netwerk.
Dit artikel is geschreven door Eric Jan van Dorp, auteur van onder meer de Succesvol emigreren-boekenreeks en oprichter van Grenzenloos.nl.
☕ Vind je deze en alle andere informatie op onze site waardevol? Steun Eric Jan en zijn team met een kleine donatie en help Grenzenloos gratis en onafhankelijk te houden. Zie: Samen houden we het gratis!
Grenzenloos werkt samen met diverse partners, waaronder Norsk.nl
Bekijk alle handboeken van Eric Jan van Dorp & Karin Wouters: