De Deense filosoof Kierkegaard schreef ooit dat de meeste mensen het geluk zo bezeten najagen, dat ze eraan voorbijlopen. Dat is een prachtige gedachte, omdat je haar op zoveel levens kunt leggen, maar ik moet er vooral vaak aan denken wanneer ik mensen spreek die willen emigreren. Ze beginnen meestal met een helder verlangen. Ze willen rust, ruimte, een ander ritme, meer lucht om zich heen, misschien een eenvoudiger leven of juist een nieuw avontuur. Ze willen weg uit een bestaan dat te vol, te duur, te druk of te voorspelbaar is geworden, en ergens in Frankrijk, Spanje, Italië, Portugal of waar dan ook hopen ze iets terug te vinden waarvan ze voelen dat ze het zijn kwijtgeraakt.
Wanneer een droom een project wordt
In het begin is dat verlangen nog zuiver. Je ziet een landschap voor je, een huis, een dorp, een ochtend waarop je wakker wordt en denkt: ja, hiervoor heb ik het gedaan. Maar zodra de zoektocht concreet wordt, gebeurt er soms iets vreemds. De droom verandert langzaam in een project, en dat project krijgt steeds meer voorwaarden. Het huis moet groot genoeg zijn, maar niet te duur. Het moet landelijk liggen, maar niet afgelegen. Het moet karakter hebben, maar geen bouwval zijn. Er moet uitzicht zijn, maar ook bereikbaarheid. Het dorp moet levendig zijn, maar niet toeristisch. De buren moeten er zijn als je ze nodig hebt, maar niet zo dichtbij dat je ze hoort. En het vliegveld moet liefst binnen een uur bereikbaar zijn, zonder dat je de vliegtuigen ziet of hoort.
Zo kan een emigratiedroom ongemerkt veranderen in een lijst eisen waaraan de werkelijkheid onmogelijk kan voldoen. Mensen raken dan zo druk met de details dat ze vergeten waarom ze in de eerste plaats wilden vertrekken. Ze kijken niet meer naar het leven dat ze zoeken, maar naar het perfecte plaatje dat ze in hun hoofd hebben gemaakt. En dat plaatje is gevaarlijk, omdat het in je hoofd altijd klopt. Daar is het huis precies groot genoeg, het uitzicht precies goed, de prijs precies haalbaar en de omgeving precies zoals je haar op vakantie hebt ervaren. Alleen woont niemand in zijn hoofd. Je moet straks leven in de werkelijkheid, met wegen, buren, winters, rekeningen, onderhoud, afstanden, taalproblemen en dagen waarop ook de zon in Zuid-Europa even niet schijnt.
Trouw blijven aan de kern van je droom
Dat betekent niet dat je je droom dan maar moet relativeren tot er niets meer van overblijft. Integendeel. In al mijn boeken schrijf ik dat je niet te veel concessies moet doen aan je emigratiedroom, want die droom is niet zomaar een romantisch plaatje; het is de reden dat je vertrekt. Wie verlangt naar ruimte moet zichzelf niet terugvinden in een benauwde buitenwijk omdat het huis daar toevallig betaalbaar was. Wie verlangt naar stilte moet niet naast een drukke weg gaan wonen omdat de makelaar zei dat je daar na een tijdje niets meer van hoort. Wie droomt van eenvoud moet oppassen dat hij geen project koopt dat hem jarenlang financieel en emotioneel uitput. Aan de kern van je droom moet je trouw blijven, anders ben je wel geëmigreerd, maar niet aangekomen.
Maar er is een groot verschil tussen trouw blijven aan je droom en krampachtig vasthouden aan de vorm waarin je denkt dat die droom moet verschijnen. Een perfecte emigratie gaat je niet lukken. Dat zeg ik niet om mensen te ontmoedigen, maar om ze te behoeden voor teleurstelling en verkeerde beslissingen. Je zult altijd concessies moeten doen, want geen enkel huis, geen enkele streek en geen enkel land zal precies samenvallen met het beeld dat je van tevoren hebt gemaakt. De kunst is dus niet om zonder concessies te emigreren, maar om de juiste concessies te doen.
De juiste concessies doen
Daarom zeg ik vaak: doe liever concessies aan de grootte van je huis dan aan de omgeving waarin je gelukkig denkt te worden. Koop liever iets bescheideners op een plek die klopt, dan een groot huis op een plek waar je eigenlijk niet wilt wonen. Laat liever een extra kamer, een bijgebouw of een stuk grond schieten dan het gevoel van vrijheid, rust of ruimte waarvoor je vertrokken bent. Dat klinkt eenvoudig, maar in de praktijk zie je vaak het omgekeerde gebeuren. Mensen laten zich verleiden door veel vierkante meters voor weinig geld en denken dat ze de ligging, de afstand of de sfeer van de omgeving later wel zullen accepteren. Meestal is dat niet zo. Een kamer te weinig went vaak sneller dan een streek die niet bij je past.
Eerst huren, dan pas kopen
Een van de verstandigste manieren om dicht bij je droom te blijven (je raadt het al, want ik vertel dit keer op keer aan), is daarom om niet meteen te kopen. Huur eerst iets in de buurt waar je graag zou willen wonen. Veel mensen ervaren dat als uitstel, alsof ze pas echt geëmigreerd zijn wanneer de koopakte is getekend, maar huren kan juist een heel volwassen tussenstap zijn. Je leert een streek dan kennen zonder dat je er meteen aan vastzit. Je ontdekt hoe een dorp voelt buiten het vakantieseizoen, hoe ver de supermarkt werkelijk is, welke wegen je in de winter liever niet rijdt, waar leven is en waar alleen mooie gevels staan. Je ziet welke huizen te lang te koop staan en begint te begrijpen waarom. Je hoort verhalen van mensen die er al wonen, leert makelaars kennen, merkt waar je je prettig voelt en waar niet. Minstens zo belangrijk: je ontdekt hoe jijzelf reageert op dat nieuwe leven wanneer het geen vakantie meer is.
Een huis vinden is nog geen leven vinden
Dat laatste wordt nogal eens onderschat. Op afstand lijkt emigreren vaak vooral een kwestie van het juiste huis vinden, maar in werkelijkheid gaat het om het juiste leven vinden. Een huis kan prachtig zijn en toch niet bij je passen. Een plek kan op foto’s betoverend zijn en in de dagelijkse praktijk te eenzaam, te druk, te ver weg of te gesloten. Andersom kan een huis dat op papier iets minder indrukwekkend is, precies de rust en vrijheid geven die je zocht. Daar kom je alleen achter als je niet blind achter je eerste droombeeld aan rent, maar de tijd neemt om de werkelijkheid tot je door te laten dringen.
Misschien is dat wel de belangrijkste les van filosoof Kierkegaard voor emigranten. Jaag je geluk niet zo bezeten na dat je eraan voorbijloopt. Maak van je emigratie geen wedstrijd en van je droom geen onwrikbaar eisenpakket. Blijf dicht bij wat je werkelijk zoekt, maar wees bereid om de vorm aan te passen. De droom hoeft niet kleiner te worden, maar wel menselijker. Minder volmaakt, minder glanzend, minder precies zoals je haar ooit bedacht had, en daardoor misschien juist veel beter leefbaar.
Niet perfect, wel echt
Wie wil emigreren, doet er goed aan zichzelf steeds opnieuw de simpele vraag te stellen: waarom wilde ik dit ook alweer? Niet alleen wanneer je begint, maar ook wanneer je huizen bekijkt, wanneer je twijfelt, wanneer een makelaar druk zet, wanneer een koopje voorbij komt of wanneer je merkt dat je onrustig wordt omdat het allemaal langer duurt dan gehoopt. Wilde je meer vrijheid, meer stilte, meer natuur, meer tijd, meer ruimte om adem te halen? Houd dat dan vast. Niet als een star ideaal, maar als kompas.
Want de perfecte emigratie bestaat niet. Het perfecte huis waarschijnlijk ook niet. Maar er bestaat wel een keuze die dicht genoeg bij je oorspronkelijke verlangen blijft om er gelukkig te kunnen worden. En vaak begint die keuze niet met harder zoeken, maar met beter kijken. Niet naar het droombeeld dat je in je hoofd hebt gebouwd, maar naar de werkelijkheid waarin je straks wakker wordt, boodschappen doet, buren groet, de seizoenen ziet veranderen en op een gewone dinsdagochtend denkt: het is niet precies geworden zoals ik het had bedacht, maar dit was wel waarom ik wilde gaan.
Dit artikel is geschreven door Eric Jan van Dorp, auteur van onder meer de Succesvol emigreren-boekenreeks en oprichter van Grenzenloos.nl.
☕ Vind je deze en alle andere informatie op onze site waardevol? Steun Eric Jan en zijn team met een kleine donatie en help Grenzenloos gratis en onafhankelijk te houden. Zie: Samen houden we het gratis!
Grenzenloos werkt samen met diverse partners, waaronder Norsk.nl