Wie Nederlanders vraagt waarom ze willen emigreren, krijgt meestal bekende antwoorden. De drukte, het klimaat, de huizenprijzen, de hoge belastingdruk, het verlangen naar meer ruimte of simpelweg de wens om het leven nog eens helemaal anders in te richten. Misschien moeten we daar langzamerhand een reden aan toevoegen die we enkele jaren geleden nogal overdreven zouden hebben gevonden: de veiligheidssituatie in Europa.
Ik wil daar meteen iets bij zeggen. Ik geloof niet dat we koffers moeten pakken omdat er morgen Russische tanks Nederland binnenrollen. Daarvoor bestaat op dit moment geen enkele concrete aanwijzing. Maar wie serieus overweegt om de komende twintig of dertig jaar in een ander land te wonen, mag naar mijn mening wel meenemen dat de veiligheidssituatie in Europa fundamenteel is veranderd.
En de waarschuwingen daarover worden steeds nadrukkelijker.
Een opvallende waarschuwing uit Denemarken
Op 24 september 2026 publiceerde de Deense militaire inlichtingendienst FE een nieuwe analyse over de dreiging vanuit Rusland. De conclusies zijn opmerkelijk scherp.
Volgens de dienst zal Rusland zijn hybride oorlog tegen de NAVO en het Westen de komende maanden waarschijnlijk verder opvoeren. Daarnaast spreekt FE over een lage, maar toenemende kans op beperkte militaire aanvallen tegen een NAVO-land. Een grootschalige invasie acht de dienst nog steeds onwaarschijnlijk, maar voor het eerst wordt expliciet gesteld dat zo’n scenario niet langer volledig kan worden uitgesloten (Forsvarets Efterretningstjeneste, 24 september 2026).
NAVO-secretaris-generaal Mark Rutte verwees een dag later naar dezelfde Deense analyse en benadrukte dat een grootschalige Russische invasie van NAVO-grondgebied volgens de Deense inlichtingendienst nog altijd zeer onwaarschijnlijk is. Tegelijk waarschuwde hij dat Europa zich geen naïviteit kan permitteren, omdat Rusland zijn krijgsmacht en oorlogsindustrie in hoog tempo uitbreidt.
De boodschap is dus niet dat oorlog onvermijdelijk is. De boodschap is dat Europese regeringen en veiligheidsdiensten tegenwoordig rekening houden met scenario’s die tien jaar geleden vrijwel ondenkbaar waren.
Ook Nederlandse diensten waarschuwen steeds nadrukkelijker
De Nederlandse AIVD en MIVD kwamen eerder dit jaar met een vergelijkbare analyse. Zij stellen dat een militaire escalatie tussen Rusland en het Westen inmiddels “voorstelbaar” is geworden. Volgens beide diensten bereidt de Russische krijgsmacht zich voor op de mogelijkheid van een conflict met de NAVO. Rusland zou daarnaast testen hoe ver het Westen bereid is te gaan wanneer het wordt geconfronteerd met provocaties.
Tegelijk maken de diensten duidelijk dat Rusland momenteel nog niet klaar is voor een oorlog op grote schaal en dat daaruit evenmin kan worden geconcludeerd dat Moskou daadwerkelijk van plan is zo’n oorlog te beginnen.
Wat volgens de diensten al wel plaatsvindt, is hybride oorlogsvoering. Denk aan cyberaanvallen, sabotage, beïnvloedingscampagnes, spionage en desinformatie. De AIVD meldde bovendien dat sinds de zomer van 2025 opnieuw een voorzichtige stijging zichtbaar is van Russische sabotageactiviteiten of voorbereidingen daarvoor in Europa. Daarbij gaat het vooral om militaire en logistieke doelen en organisaties die bij de ondersteuning van Oekraïne betrokken zijn (AIVD, Jaarverslag 2025).
De oorlog komt soms letterlijk dichterbij
De grens tussen de oorlog in Oekraïne en het overige Europese luchtruim is ondertussen meerdere keren merkbaar geworden. NAVO-landen bespraken deze zomer Russische schendingen van het luchtruim van Polen en Roemenië en verschillende drone-incidenten. De NAVO sprak daarbij van gevaarlijke en onaanvaardbare incidenten en wees op een toenemende Russische bereidheid risico’s te nemen (NAVO, 12 augustus 2026).
Frankrijk waarschuwde deze maand opnieuw dat Russische hybride acties tegen Europese landen intensiever worden. President Macron noemde daarbij onder meer cyberaanvallen, drones en aanvallen op kritieke infrastructuur (Reuters, 18 september 2026).
Het betekent nog altijd niet dat een directe oorlog tussen Rusland en de NAVO waarschijnlijk is. Maar het maakt wel duidelijk dat de oorlog in Oekraïne niet meer als een volledig geïsoleerd conflict kan worden beschouwd.
Nederland, België en Duitsland liggen strategisch belangrijk
Daar komt bij dat Nederland, België en Duitsland binnen de NAVO een belangrijke logistieke functie vervullen. Door deze landen loopt bijvoorbeeld het Central Europe Pipeline System, het grote NAVO-netwerk waarmee brandstof kan worden vervoerd naar militaire bases, vliegvelden, depots en havens. Het netwerk loopt door Nederland, België, Duitsland, Frankrijk en Luxemburg en is speciaal ontworpen om ook tijdens een militaire crisis grote hoeveelheden brandstof beschikbaar te houden (NAVO).
Duitsland speelt daarnaast een steeds grotere rol aan de oostflank van de NAVO. Duitsland heeft permanent een pantserbrigade in Litouwen gestationeerd. Ook heeft het gezamenlijke Duits-Nederlandse legerkorps inmiddels een commandorol voor NAVO-grondtroepen in Estland en Letland (NAVO, september 2026).
Voor een potentiële tegenstander zijn militaire installaties, logistieke knooppunten, communicatienetwerken en havens vanzelfsprekend interessanter dan een willekeurig dorp op het Spaanse of Portugese platteland.
Dat betekent overigens nog steeds niet dat Nederland daardoor een waarschijnlijk doelwit wordt. Het betekent wel dat onze geografische en militaire positie anders is dan die van sommige landen aan de uiterste randen van Europa.
Is Zuid-Europa dan veiliger?
Dat is de logische vervolgvraag. Geografisch gezien liggen landen als Spanje en Portugal vanzelfsprekend veel verder verwijderd van Rusland, Oekraïne, Belarus en de Baltische staten dan Nederland, Duitsland of Polen. Voor iemand die uitsluitend kijkt naar de kans om rechtstreeks met een conventioneel militair conflict in Oost-Europa te worden geconfronteerd, is dat een relevante factor.
Maar ook daar moet een kanttekening bij. Spanje en Portugal zijn NAVO-lid. Artikel 5 van het NAVO-verdrag geldt in Lissabon en Madrid net zo goed als in Amsterdam, Warschau of Tallinn. Beide landen leveren bovendien bijdragen aan de collectieve verdediging van het bondgenootschap. Spanje neemt bijvoorbeeld deel aan NAVO-eenheden in Oost-Europa en Portugal levert eveneens bijdragen aan de verdediging van de oostflank.
Wie naar Spanje of Portugal verhuist, verhuist dus geografisch verder weg van Rusland. Je verlaat daarmee het Europese en Atlantische veiligheidsstelsel niet. Hetzelfde geldt in grote lijnen voor Italië en Griekenland.
En hoe zit het met neutrale Europese landen?
Je zou ook kunnen denken aan landen als Ierland, Oostenrijk, Malta of Zwitserland, die geen lid zijn van de NAVO. Ook hier is neutraliteit minder eenvoudig dan het klinkt.
Oostenrijk, Ierland en Malta zijn lid van de Europese Unie en maken daardoor onderdeel uit van het Europese politieke en economische beleid tegenover Rusland. Zwitserland is formeel neutraal, maar heeft een groot deel van de Europese sancties tegen Rusland overgenomen.
Een land kan militair neutraal zijn en tegelijkertijd economisch, diplomatiek en politiek duidelijk onderdeel uitmaken van West-Europa. Wie werkelijk afstand zoekt van een mogelijk conflict tussen Rusland en het Westen, moet daarom eigenlijk verder kijken dan Europa.
Canada lijkt ver weg, maar is wel NAVO-lid
Canada ligt letterlijk aan de andere kant van de Atlantische Oceaan en een conventionele oorlog op Europees grondgebied zou het dagelijkse leven daar waarschijnlijk veel minder direct raken.
Toch is Canada geen neutrale buitenstaander. Het is een van de oorspronkelijke NAVO-landen en speelt zelfs een belangrijke rol bij de verdediging van Letland. Bij een aanval op een Europees NAVO-land zou Canada dus onderdeel zijn van hetzelfde bondgenootschap.
Voor emigranten speelt bovendien een heel praktisch probleem: je kunt als Nederlander niet simpelweg besluiten in Canada te gaan wonen. Het belangrijkste immigratiesysteem, Express Entry, werkt grotendeels met punten voor leeftijd, opleiding, taalvaardigheid en werkervaring. Leeftijd telt zwaar mee. Vanaf 45 jaar krijg je binnen het Comprehensive Ranking System geen punten meer voor leeftijd. Dat sluit immigratie niet volledig uit, maar maakt het vooral voor oudere emigranten aanzienlijk moeilijker.
Canada heeft bovendien geen eenvoudige algemene verblijfsregeling voor Nederlandse gepensioneerden die daar alleen op basis van hun pensioen en vermogen willen gaan wonen. Dat maakt Canada voor veel Nederlanders een veel ingewikkelder emigratieland dan Spanje, Frankrijk of Portugal.
Australië ligt nog verder weg
Australië is geografisch gezien misschien een nog duidelijker alternatief. De afstand tot een mogelijk Europees conflict is enorm. Maar ook Australië is politiek en militair nauw verbonden met het Westen. Het land werkt militair intensief samen met de Verenigde Staten en het Verenigd Koninkrijk en heeft Oekraïne sinds het begin van de oorlog ondersteund.
En ook hier vormt immigratie de grootste hindernis. Voor belangrijke Australische immigratieroutes voor hoogopgeleide en gespecialiseerde werknemers, zoals het Skilled Independent Visa en Skilled Nominated Visa, moet je op het moment van uitnodiging jonger zijn dan 45 jaar (Australian Department of Home Affairs).
Voor Nederlanders van vijftig, zestig of ouder die hun emigratie voornamelijk uit spaargeld, ondernemingsinkomsten of pensioen willen financieren, is Australië daardoor bepaald geen eenvoudige uitwijkmogelijkheid.
Nieuw-Zeeland is iets ruimer
Nieuw-Zeeland wordt in dit soort gesprekken eveneens regelmatig genoemd. Het ligt extreem afgelegen en behoort tot de politiek stabielste landen ter wereld. Maar ook Nieuw-Zeeland stelt stevige immigratievoorwaarden.
Binnen de Skilled Migrant Category moet je momenteel 55 jaar of jonger zijn. Je hebt normaal gesproken bovendien een baan of concreet werkaanbod nodig van een erkende Nieuw-Zeelandse werkgever en moet aan aanvullende eisen voor opleiding, inkomen, werkervaring en Engels voldoen (Immigration New Zealand).
Ook Nieuw-Zeeland is overigens geen geopolitiek eiland. Het werkt op veiligheidsgebied nauw samen met Australië, de Verenigde Staten, Canada en het Verenigd Koninkrijk en heeft Oekraïne eveneens gesteund.
Buiten Europa emigreren is dus heel iets anders
Als Nederlander kun je morgen naar Spanje rijden, daar een woning huren en beginnen met het opbouwen van een nieuw leven. Als EU-burger heb je het recht daar te wonen wanneer je bijvoorbeeld werkt, ondernemer bent of over voldoende middelen en een ziektekostenverzekering beschikt. Na drie maanden moet je je registreren (Spaanse overheid, 2026).
Voor Canada, Australië of Nieuw-Zeeland moet je eerst toestemming krijgen om überhaupt permanent te mogen wonen. Dat maakt “ik verhuis wel buiten Europa als het hier onrustig wordt” in de praktijk een stuk ingewikkelder dan het klinkt want je moet zo’n stap vaak jaren voorbereiden.
Steunt heel Europa Oekraïne?
Er wordt soms gezegd dat heel Europa inmiddels tegenover Rusland staat. Ook dat ligt genuanceerder. De Europese Unie en vrijwel alle NAVO-landen steunen Oekraïne politiek, financieel, humanitair of militair. De omvang en vorm van die steun verschillen echter sterk per land. Sommige regeringen zijn zeer terughoudend met militaire hulp (bijvoorbeeld Hongarije en Slowakije), terwijl andere juist grote hoeveelheden wapens leveren. Daarnaast kun je vanzelfsprekend niet spreken over “heel Europa”. Belarus steunt Rusland, terwijl ook landen buiten de EU en NAVO hun eigen koers varen.
Wel is duidelijk dat de belangrijkste West- en Noord-Europese landen hun veiligheid steeds nadrukkelijker verbinden aan de uitkomst van de oorlog in Oekraïne. Frankrijk en Duitsland spraken deze zomer zelfs gezamenlijk over “oorlog en toenemende hybride dreigingen op ons continent” (Frans-Duitse Veiligheids- en Defensieraad, 17 juli 2026).
De Europese Commissie werkt ondertussen aan Defence Readiness 2030, waarmee Europese landen hun militaire productie, luchtverdediging, droneverdediging en bescherming van de oostgrens aanzienlijk willen versterken.
Zou ik hierom emigreren?
Als iemand mij zou vragen of oorlogsdreiging op dit moment dé reden moet zijn om Nederland te verlaten, zou mijn antwoord nee zijn. Daarvoor is de onzekerheid veel te groot.
Maar emigreren gaat over meer dan de wereld van vandaag. Wanneer je op je vijftigste naar een ander land vertrekt, is het heel goed mogelijk dat je daar dertig jaar later nog woont. Dan vind ik het niet vreemd om ook naar geopolitieke ontwikkelingen te kijken.
Waar ligt het land? Is het lid van de NAVO? Hoe dicht ligt het bij Rusland? Zijn er belangrijke militaire bases of logistieke knooppunten? Hoe stabiel is de politieke omgeving? Hoe afhankelijk is het land van buitenlandse energie en infrastructuur?
Dat waren vragen die tot enkele jaren geleden vrijwel niemand stelde wanneer hij een emigratieland koos. Misschien horen ze inmiddels gewoon thuis op het lijstje.
Zelf zou ik oorlogsdreiging nooit boven zaken zetten als inkomen, gezondheidszorg, wonen, taal, klimaat en sociale omgeving. Daar krijg je vanaf de eerste dag van je emigratie mee te maken. Maar helemaal negeren zou ik het inmiddels ook niet meer.
Want als er één ding is dat de oorlog in Oekraïne ons heeft geleerd, dan is het dat situaties waarvan we jarenlang dachten dat ze in Europa niet meer konden gebeuren, uiteindelijk toch kunnen gebeuren. En wanneer je toch van plan bent ergens anders een nieuw leven op te bouwen, mag je best even naar de wereldkaart kijken voordat je beslist waar dat wordt.
☕ Vind je deze en alle andere informatie op onze site waardevol? Steun mijn team en mij met een kleine donatie en help op die manier Grenzenloos gratis en onafhankelijk te houden. Zie: Samen houden we het gratis!